Aglaja Veteranyi (1962–2002) werd geboren in een familie van circusartiesten in Boekarest en verscheen al op jonge leeftijd in de circusring. Het gezin vluchtte in 1967 naar Zwitserland, maar reisde in de daaropvolgende jaren door Europa, Afrika en Zuid-Amerika.
Vanwege het rondtrekkende leven van haar familie was ze tot haar zeventiende analfabeet en heeft ze nooit leren schrijven in haar moedertaal Roemeens. Na haar terugkeer naar Zwitserland in 1978 leerde Veteranyi zichzelf Duits lezen en schrijven, waarna ze van 1979 tot 1982 een opleiding volgde aan de toneelschool Schauspiel-Gemeinschaft in Zürich. Ze richtte twee experimentele performancegroepen op: “Die Wortpumpe” (tussen 1993 en 1996) en “Die Engelmaschine” (tussen 1996 en 2002). Daarnaast publiceerde ze korte prozawerken in bloemlezingen, tijdschriften en kranten.
Haar autobiografische debuutroman Waarom het kind in de polenta kookt (1999) leverde haar internationale erkenning op. Helaas maakte ze in 2002 een einde aan haar leven door zichzelf te verdrinken in het Meer van Zürich.
De roman Das Regal der letzten Atemzüge (2002) en de bundel korte prozawerken Vom geräumten Meer, den gemieteten Socken und Frau Butter (2004) werden postuum gepubliceerd.